Home » Nieuws » Veteranen en nabestaanden staan stil bij dodenspoorwegen WO-II 27 augustus 2018

Op zaterdag 25 augustus 2018 zijn voor de 51e keer de slachtoffers herdacht van de Birma-Siam Spoorweg in Thailand en Birma en de Pakan Baroe Spoorweg op Sumatra. De herdenking vond plaats bij het Driepagodenmonument op Landgoed Bronbeek in Arnhem in aanwezigheid van enkele tientallen veteranen.

Met de Birma-Siam Spoorweg wilden de Japanse bezetters de spoorwegnetten in Birma en Thailand met elkaar verbinden. De spoorlijn zou daarmee een alternatieve bevoorradingsroute vormen voor de Japanse troepen in Birma en een aanval op India. Voor de bouw van het traject van bijna 415 km tussen Non Pladuk in Thailand en Thanbyuzayat in Birma werden meer dan 250.000 (dwang)arbeiders ingezet.

Onder hen waren ruim 60.000 Britse, Nederlandse, Australische en Amerikaanse krijgsgevangenen. Van de circa 18.000 Nederlandse krijgsgevangenen kwamen er 2.800 om tijdens de bouw van de spoorweg. Een onbekend aantal slachtoffers viel tijdens de zeetransporten (Hellships) naar en van de spoorlijn gedurende de Japanse bezetting. De spoorlijn werd op 25 oktober 1943 voltooid en officieel in gebruik genomen. Na de oorlog is de spoorlijn tot 1947 in gebruik geweest en daarna grotendeels afgebroken. Tegenwoordig is nog 130 kilometer van het oorspronkelijke spoor in gebruik onder andere voor toeristenreizen.

Pakan Baroe Spoorweg

Speciale aandacht was er dit jaar voor de Pakan Baroe spoorweg. De aanleg van de spoorweg in de jungle van Sumatra begon 75 jaar geleden. De Japanse legerleiding wilde voor de verdediging van Sumatra tegen geallieerde aanvallen het spoorwegnet op het eiland verbeteren. Door een spoorweg aan te leggen van Moeara naar Pakan Baroe zou een snelle verbinding tussen de westkust en de oostkust van Sumatra ontstaan. Bovendien konden in Pakan Baroe kolen van de kolenmijnen in het binnenland op schepen worden geladen. In september 1943 begonnen circa 40.000 romusha’s (Aziatische dwangarbeiders) aan de bouw van de spoorweg.

In mei 1944 werden circa 6000 Nederlandse, Britse en Australische krijgsgevangenen aan het werk gezet. Door uitputting, honger, ziekten en mishandelingen vielen duizenden slachtoffers: ruim 700 krijgsgevangenen en meer dan 30.000 romusha’s. Twee schepen die met krijgsgevangenen op weg waren naar de Pakan Baroe Spoorweg werden getorpedeerd. Daarbij kwamen 1800 krijgsgevangenen en 4000 romusha’s om. De spoorlijn werd op 15 augustus 1945 voltooid, maar – in tegenstelling tot de Birma-Siam Spoorweg – nooit in gebruik genomen.

Tijdens de herdenking verhaalde historicus Henk Hovinga over deze geschiedenis, waarna Jamie Farrell liet zien wat er nu nog van deze spoorweg in de jungle is terug te vinden. Jamie Farrell woont op Sumatra en heeft daar al veel families van ex-krijgsgevangenen langs de kampen van de voormalige spoorweg geleid. Jamie Farrell was speciaal voor deze herdenking van Sumatra naar Nederland gekomen om zijn verhaal te vertellen.

Aanwezige veteranen

Na 75 jaar wordt de groep veteranen die het zelf nog heeft meegemaakt steeds kleiner. De eerste reünies van de Dodenspoorwegen werden bezocht door meer dan 2.000 veteranen. Zaterdag waren er nog een tiental veteranen bij de herdenking aanwezig.

De jaarlijkse herdenking werd georganiseerd door de Stichting Herdenking Birma-Siam Spoorweg en Pakan Baroe Spoorweg (SHBSS) in samenwerking met het Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen Bronbeek. Foto’s en tekst zijn aangeleverd door de SHBSS.