18 juli 2019
Home Verhalen van veteranen Veteraan Dick Buchel van Steenbergen overleden

Veteraan Dick Buchel van Steenbergen overleden

De man die Nagasaki overleefde.

Beelden: Imperial War Museum en Privécollectie Buchel van Steenbergen

Veteraan Dick Buchel van Steenbergen overleed op 11 juli op 99-jarige leeftijd. Als krijgsgevangene van de Japanners werkte hij op een scheepswerf in Nagasaki toen daar op 9 augustus 1945 een atoombom viel. Het Veteraneninstituut interviewde Buchel van Steenbergen in 2015 voor de Interviewcollectie Nederlandse Veteranen (ICNV).

Begin van de oorlog in Nederlands-Indië

Buchel van Steenbergen werd in 1920 in Nederlands-Indië geboren. In 1939 moest hij als dienstplichtige in dienst. Hij kwam bij de artillerie terecht, waar hij verantwoordelijk was voor de verzorging van paarden en andere dieren. “Ik had nooit iets met paarden te maken gehad”, vertelt Dick Buchel van Steenbergen. Zijn vader die voorspelde dat het allemaal langer ging duren dan velen dachten, adviseerde zijn zoon om beroeps bij het Koninklijke Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) te worden. Hij kwam terecht bij de luchtdoelartillerie.

Later maakte hij een overstap naar de Militaire Luchtvaart van het KNIL (ML-KNIL) waar hij aan een opleiding tot vlieger begon. Hij bleek ongeschikt. “Ik had het gevoel niet”, aldus Buchel van Steenbergen. Hij werd luchtfotograaf. Na het uitbreken van de oorlog met Japan op 8 december 1941, voerde hij luchtverkenningen uit.

Krijgsgevangenschap
Na drie maanden was de strijd gestreden. Op 8 maart 1942 gaven de geallieerden in Nederlands-Indië zich over. Om krijgsgevangenschap te ontlopen, dook Buchel van Steenbergen onder bij zijn ouders in Bandoeng. Na het Japanse dreigement om ouders te doden als militairen zich niet vrijwillig zouden melden, raakte hij alsnog in krijgsgevangenschap. Aanvankelijk kwam hij in een krijgsgevangenkamp in Bandoeng terecht. Twee maanden later stuurden de Japanners hem naar het nabij gelegen Tjimahi, waar hij drie maanden in een kamp zat. Daarna transporteerden ze hem via Bandoeng en Batavia naar Soerabaja waar ze hem op een schip zetten. “We werden er gewoon ingepropt”, aldus Buchel van Steenbergen. “Daar lag je met een paar duizend man. Wat gaat er gebeuren? Waar gaan we naartoe? Dat was de vraag?”

Naar Japan
Het schip voer naar Singapore waar er een scheiding plaatsvond; de krijgsgevangenen gingen naar Japan of naar Birma. Ze hadden vernomen dat Birma een verschrikkelijke bestemming was. Buchel van Steenbergen was in eerste instantie opgelucht toen hij hoorde dat hij naar Japan ging. De reis naar Japan duurde een maand en was vanwege de aanwezigheid van geallieerde duikboten gevaarlijk. “Ik heb alles maar over me heen laten gaan”, vertelt Buchel van Steenbergen over deze gespannen situatie. “We wachtten wel af.”

Dwangarbeid
De Nederlandse krijgsgevangenen kwamen heelhuids aan in Japan. De Japanners stelden ze tewerk in  de scheepswerf van Mitsubishi in Nagasaki. “Nou, dat was gevaarlijk werk. Je kende dat niet, je moest klimmen. Tegen de scheepswand op wankele planken die ze daar neergelegd hadden. De kans op een ongeluk was altijd groot.” Ze plaatsten platen tegen de scheepswanden, waarna andere ploegen met boren en klinkers het werk voltooiden. “Er was geen opleiding. We werden voor de leeuwen geworpen. Met gebaren lieten ze het weten en verder moest je het uitzoeken”, aldus Buchel van Steenbergen. De leefomstandigheden waren erbarmelijk: slechte kleding, voeding, huisvesting en strenge bestraffingen. De ziekenboeg lag continue vol. Buchel van Steenbergen kwam er zelf met dysenterie terecht. Hij kreeg geen medicatie, maar wel opium om de pijn te verzachten. “Daar lag je dan met al die ellende om je heen, stervenden zelfs. Ik was nog niet klaar om dood te gaan, ik wilde naar huis.” Van huis uit kende hij een methode om beter te worden: hij perste gekookte rijst van zijn rantsoen door een zakdoek en dronk de dikke vloeibare massa op.

Atoombom

In de tweede helft van 1945 werd het langzaam duidelijk dat Japan de oorlog zou verliezen. Op 6 augustus 1945 gooiden de Amerikanen een atoombom op Hiroshima. Buchel van Steenbergen vermoedde dat er iets verschrikkelijks was gebeurd, maar wist niet precies wat. Op 9 augustus was Buchel van Steenbergen aan het werk om het terrein van de scheepswerf, dat beschadigd was door luchtbombardementen, op te knappen. Na een eerste luchtalarm waren ze weer aan het werk gezet. Toen klonk een tweede luchtalarm. “In tweede instantie stoof iedereen weg. Sommigen bleven kijken en anderen zochten een schuilplaats op het terrein.”

Buchel van Steenbergen rende een nabijgelegen gebouw in. “Ik ben die fabriek ingelopen. Daar ben ik over mijn eigen benen gestruikeld. Ik zag die flits nog, heel helder, net als een flitsapparaat van een fototoestel, alleen dan sterker natuurlijk. En toen ben ik schijnbaar een beetje buiten bewustzijn geraakt om een of andere reden, want verder heb ik niets meer gehoord.”

Toen hij bijkwam, merkte hij dat de hele fabriek was ingestort. Hij lag onder een vak van een dakconstructie. Dat redde zijn leven. Hij wist uit de fabriek te komen. Buiten was het donker “Ik kwam in een geheel verduisterende wereld terecht, je zag niks. Het leek wel nacht. Later, toen het wat helderder was, zag je dat alles plat was en dat er geen stad meer was.”

Thuis
Op 15 augustus 1945 capituleerden de Japanners. Na tal van omzwervingen, via Balikpapan en Australië, kwam hij terug bij zijn ouders in Bandoeng. Na beëindiging van de oorlog was Buchel van Steenbergen militair betrokken bij de dekolonisatieoorlog in Nederlands-Indië. In 1950 vertrok hij naar Nederland en bleef tot zijn leeftijdsontslag in 1968 in dienst bij de krijgsmacht. Hij keerde twee keer terug naar Nagasaki. Daar is hij ook geïnterviewd. “Ik vind het verschrikkelijk”, vertelde hij toen, “maar het is goed dat hij gevallen is, anders had ik het niet overleefd.”

Het Veteraneninstituut interviewde Buchel van Steenbergen voor de interviewcollectie Nederlandse veteranen. Onlangs verscheen een boek over zijn leven, De man die Nagasaki overleefde, geschreven door Gregor Vincent.

Beluister hier het interview