Home » Veteranen & hun missies » Verhalen van veteranen » ‘Mijn opa, dat is mijn held’

Er komt nogal wat bij kijken om een militair naar uitzendgebied, of juist terug naar Nederland te krijgen. Sergeant-majoor Kelly (37) weet het als geen ander. Zes keer werd ze inmiddels uitgezonden. Twee keer moest ze wegens familieomstandigheden een missie onderbreken. De deelname aan het erecouloir op 4 mei a.s. heeft voor Kelly als eerbetoon meerdere kanten.

Heb je een opa die in Indië als KNIL-militair heeft gediend, dan speelt de krijgsmacht in de familiegeschiedenis een bijzondere rol. Kies je zoals Kelly ook zelf voor een militaire loopbaan, dan maakt dat de relatie vanzelfsprekend alleen maar sterker. “Met vooral – heel lieve! – tantes in de familie was deze opa voor mij een belangrijk mannelijk rolmodel”, vertelt ze er zelf over. De schok was groot toen juist hij in 2002 overleed tijdens haar eerste uitzending. “Ik kon terug naar Nederland om bij het afscheid te zijn. Dat was belangrijk voor me en het was fijn dat Defensie dit voor me kon realiseren.”

Een soortgelijk scenario herhaalde zich toen Kelly in 2016 in Afghanistan was. Tijdens wat inmiddels haar zesde uitzending was, kwam er opnieuw een overlijdensbericht. “Nu was het mijn vader die plotseling overleed. Weer onderbrak ik een missie, maar ik wist ook meteen, deze keer wil ik het afmaken. Ik ben dus teruggegaan. En dat is goed geweest, al was het bepaald niet makkelijk.”

Aan welke uitzendingen heb je deelgenomen?

“Vier keer ben ik door de luchtmacht uitgezonden geweest. Als specialist Vlieguitrusting Techniek was ik verantwoordelijk voor de uitrusting van helikopterbemanning. Vorig jaar, in Afghanistan, had ik een heel andere rol. Als assistent hoofd personeelszaken was ik de rechterhand van de hoogste Nederlandse militair in rang. Daar heb ik zoveel geleerd. Ik was bovendien als luchtmachter betrokken bij een Landmacht-missie, dat maakte het extra bijzonder. In elk geval, ik heb veel van hen geleerd, hopelijk zij ook van mij.”

“Mijn eigen uitzendervaring komt goed van pas bij het werk dat ik nu doe bij het bureau individuele uitzendingen (BIU&SSR) in Harskamp. Normaal gaat een militair vanuit de eigen eenheid op missie, en wordt alles – zoals trainingen, opleiding, personeelszaken – collectief geregeld. In ons geval gaat het om individuele militairen die vanwege een specialisatie of vanuit een staffunctie aan een missie worden toegevoegd. Vaak is de reactietijd kort, omdat het bijvoorbeeld om vervanging gaat. Dan moet je op het laatste moment van alles regelen, zodat de trainingen die iedere militair die op uitzending gaat gevolgd moet hebben, op tijd zijn doorlopen. Ik organiseer dat samen met mijn collega’s. Hectisch en erg leuk.”

Waarom herdenken?

“Wij hebben met elkaar het ‘geluk‘ dat we op deze manier kunnen leven, maar dat geluk is er niet zomaar.”

Er zijn zoveel mensen die toen en nu offers voor vrede en veiligheid brengen en hebben gebracht. Daar wil ik respect aan betuigen.

“Ik denk dat het een bijzondere ervaring is om op 4 mei op de Dam aan het erecouloir mee te doen.”

Het is heel eervol, iets wat ik altijd al graag een keer als militair heb willen meemaken.”

Tijdens de 2 minuten stilte zal ik zeker denken aan…

“Mijn opa, dat is echt mijn held. In 2012, tien jaar na zijn overlijden ben ik met mijn moeder en mijn oma naar Thailand geweest waar hij als krijgsgevangene geïnterneerd was door de Japanners. Ik móest daar naartoe, ik moest het zien. Dat voelde ik heel sterk zo. Het werd een afsluiting van het rouwproces.”

Tijdens deze reis kwamen bij mijn oma de verhalen los. Zo vertelde ze dat opa was gemarteld toen hij als krijgsgevangene aan de Birma-spoorweg moest werken.

“Toen begreep ik: dat moet dus de reden zijn geweest waarom hij altijd een ‘swag’, iets eigens in zijn manier van lopen heeft gehad. Ongelooflijk eigenlijk, al dat leed dat hij heeft gezien en meegemaakt. Nooit sprak hij erover. De familie heeft hij er waarschijnlijk voor willen beschermen. Die man was altijd vrolijk, zo’n rots voor zijn omgeving. Ja, aan hem zal ik zeker denken.”