27 augustus 2019
Home Verhalen van veteranen ”…maar we waren ook vastberaden. De volgende keer zouden we de Duitsers vóór zijn.”

''...maar we waren ook vastberaden. De volgende keer zouden we de Duitsers vóór zijn.”

WOII-veteraan Rudi Hemmes was bren-schutter bij de Prinses Irene Brigade.

Op 29 augustus 2019 vindt er bij het Veteraneninstituut een bijzondere ontmoeting plaats. In het kader van 75 jaar vrijheid, en de start van de mobilisatie  80 jaar geleden, zullen meer dan 100 WOII-veteranen samenkomen in Doorn. Zij hebben gestreden voor het herwinnen en behouden van onze vrijheid. Rudi Hemmes is één van de aanwezige veteranen.

“Iedereen vond het vreselijk dat onze maatjes dood waren, maar we waren ook vastberaden. De volgende keer zouden we de Duitsers vóór zijn.”

Rudi Hemmes

De inmiddels 96-jarige Rudi Hemmes sloot zich tijdens de Tweede Wereldoorlog aan bij de Prinses Irene Brigade. Hij wilde iets doen tegen de Duitsers, die hij was gaan haten toen zij – ondanks de Nederlandse overgave – onze steden bombardeerden in mei 1940. Op een dag vertelde hij zijn moeder dat hij naar Engeland zou gaan. “Met de boot het kanaal oversteken kon niet meer. We moesten via Frankrijk, Spanje en Portugal. Pas na maanden kwamen we in Engeland aan.”

Toen Hemmes zich meldde werd hij ingedeeld bij de Prinses Irene Brigade. Hij bleek de beste schutter en werd daarom bren-schutter:

“We oefenden voor een invasie, maar wisten niet waar en wanneer die zou plaatsvinden. We stonden te popelen. Twee maanden na D-Day kwam het verlossende bericht: we konden inschepen. Eindelijk. Angst voelden we niet. We waren opgeleid in iedere situatie te winnen.”

Via Frankrijk trok Hemmes met zijn brigade noordwaarts. Ze sliepen in greppels, onder zeiltjes en hielden ’s nachts de wacht. Toen Hemmes in 1944 de Nederlandse grens passeerde, bleken zijn landgenoten verbaasd om Nederlanders te zien. “Ze wilden Engelsen zien. Dat voelde ondankbaar. Ze hadden geen idee wat de Irene Brigade voorstelde. Later is dat gelukkig allemaal rechtgezet.’’

Ondertussen vroeg Defensie hem om een officiersopleiding te volgen in Engeland. Niet zo’n gek plan, vond Hemmes. “Mijn vader was beroepsofficier geweest. Hij was mijn grote voorbeeld.” Zo kwam het dat hij de bevrijding op afstand meemaakte, vanuit Londen.

“Ik regelde meteen een weekendverlof om naar mijn familie te gaan. Toen ik thuis aanbelde, werd er niet open gedaan. Ze waren naar een begrafenis. Mijn vader bleek te zijn overleden. Ik heb hem helaas nooit meer gezien.”

Hemmes heeft nog jarenlang een bloedhekel aan Duitsers gehad. Dat verdween pas toen hij tijdens een militaire cursus een Duitse kolonel ontmoette die onder Hitler had gevochten. “Daar realiseerde ik me dat ik geen Duitsers maar onrecht haatte.”