3 augustus 2017
Home Missies Overige missies Midden-Oosten

Overige missies Midden-Oosten

10

Missies

5.500

Ingezette Nederlandse militairen

1

Omgekomen Nederlandse militair

Foto's: NIMH / MCD

UNTSO

Op 14 mei 1948 riep de Israëlische premier David Ben Goerion de onafhankelijke staat Israël uit. Daarop vielen Egypte, Jordanië, Irak, Syrië en Libanon Palestina binnen. Het Israëlische leger wist de aanvallers terug te slaan en veroverde en passant Arabisch grondgebied, waaronder West-Jeruzalem. Op 29 mei 1948 riep de VN-Veiligheidsraad op tot een staakt-het-vuren. Dat ging in op 11 juni 1948.

Waarnemers van de United Nations Truce Supervision Organization (UNTSO) zagen toe op de naleving van dit bestand. Na aflopen van het bestand op 9 juli braken onmiddellijk  nieuwe gevechten uit en trokken de UNTSO-waarnemers zich terug. Onder druk van de VN kwamen de strijdende partijen op 18 juli voor de tweede keer een bestand overeen dat dit keer langer standhield. In de eerste helft van 1949 sloot Israël vier afzonderlijke Algemene Wapenstilstandsakkoorden met Egypte, Libanon, Jordanië en Syrië. In deze akkoorden werden afspraken gemaakt over de bestandslijnen en de oprichting van vier Mixed Armistice Commissions (MAC’s) die assisteerden bij de uitvoering van de akkoorden en toezagen op de naleving van de bepalingen. Elke commissie bestond uit  een evenredig aantal vertegenwoordigers van Israël en een van zijn buurlanden en stond onder voorzitterschap van een UNTSO-vertegenwoordiger. Die werd op zijn beurt ondersteund door UNTSO-waarnemers in het veld.

Vanaf 1956 stuurde Nederland twee militaire waarnemers voor UNTSO naar het gebied. Gedurende de jaren zestig werd het aantal Nederlandse UNTSO-waarnemers uitgebreid tot vijftien. Op 17 juli 1963 werd kolonel der mariniers W.A. van Heuven benoemd tot de UNTSO-voorzitter van de Egypt-Israel Mixed Armistice Commission (EIMAC). Die functie vervulde hij tot juni 1967 toen de Zesdaagse Oorlog uitbrak. In dat  jaar stelde Nederland een half jaar lang ook een vliegtuig met bemanning aan UNTSO beschikbaar. Tot 1995 bleef Nederland jaarlijkse vijftien waarnemers sturen.

In de loop van de jaren negentig verminderden de VN de UNTSO in omvang. Het Nederlandse aandeel liep in 1996 terug naar elf waarnemers. Daarnaast leverde Nederland van tijd tot tijd ook een staffunctionaris. Zo was kolonel W. van Dullemen van augustus 2003 tot juli 2005 plaatsvervangend commandant van de UNTSO.

MFO

Tijdens de Zesdaagse Oorlog in 1967 veroverde Israël de Sinaïwoestijn op Egypte. In oktober 1973 probeerde Egypte de Sinaï te heroveren. Dat liep uit op een complete mislukking; Israël behield het grondgebied en wist zelfs een deel van de westelijk over van het Suezkanaal te veroveren. Op 24 oktober 1973 kwamen beide landen een staakt-het-vuren overeen dat op 26 maart 1979 werd gevolgd door de akkoorden van Camp-David. Beide landen kwamen onder meer overeen dat Israël zich uit de Sinaï terug zou trekken. Op 25 april 1982 trokken de laatste Israëlische troepen zich terug en werd de Multinational Force and Observers (MFO) actief, een multinationale vredesmacht die ging toezien op de naleving van alle afspraken.

In maart 1982 arriveerden een marechausseedetachement van 21 personen en een verbindingscompagnie van 84 personen in de Sinaï die Nederland aan de MFO beschikbaar had gesteld. Het Nederlandse marechausseedetachement was het grootste binnen de Force Military Police Unit (FMPU). Het commando over de FMPU werd gevoerd door een Nederlandse force military police advisor, die tegelijkertijd ook provost marshall (de hoogste MP-autoriteit binnen de MFO) was. Begin jaren negentig werd er flink gesneden in de omvang van het verbindingspersoneel. Eind 1993 waren er nog maar zo’n dertig verbindelaars in de woestijn. De FMPU daarentegen nam in de loop van de tijd in omvang  toe en telde in 1989 36 Nederlandse marechaussees. Daarnaast vervulde Nederland vanaf het begin ook een aantal functies op het MFO-hoofdkwartier.

Van 11 april 1991 tot 21 april 1994 was brigade-generaal J.W.C. van Ginkel force commander van de MFO. In het daaropvolgende jaar werd de Nederlandse deelname afgebouwd en op 2 mei 1995 vertrokken de laatste Nederlandse militairen. Vanaf 2013 heeft Nederland voor een periode van achttien maanden vier staf(onder)officieren geleverd aan de MFO.

EMASOH

Nederland heeft van eind januari tot eind juni 2020 met het luchtverdedigings- en commandofregat Zr.Ms. De Ruyter deelgenomen aan een Europese maritieme missie in de Straat van Hormuz. Deze zeestraat tussen de Perzische Golf en de Golf van Oman is belangrijk voor de wereldeconomie, ook die van Nederland. Het is een het belangrijke verkeersader voor de wereldwijde aanvoer van aardolie. In 2019 raakten bij incidenten zes olietankers zwaar beschadigd en schoten Iran en de VS elkaars drones uit de lucht.

De missie heet formeel European-Led mission Awareness Strait of Hormuz (EMASOH). Het doel is het versterken van de maritieme veiligheid in het onrustige gebied. Binnen deze door Frankrijk geleide missie werkte het Nederlandse fregat samen met een Frans fregat en patrouillevliegtuig. Nederland droeg bij aan het in kaart brengen van de maritieme veiligheidssituatie in het zeegebied. Dat betekende de scheepvaart monitoren, identificeren en registreren. Dat gebeurde met het blote oog, maar ook met geavanceerde sensoren aan boord van het fregat en de boordhelikopter. Er waren geen incidenten. Op het hoofdkwartier in de Verenigde Arabische Emiraten werkten ook vier Nederlandse stafofficieren. Zij waren betrokken bij operatiën, inlichtingen, logistiek en als juridisch adviseur.

Aan boord van De Ruyter zaten ruim 200 militairen. Door de coronacrisis verliep de uitzending voor de bemanning wel anders dan normaal. Bij havenbezoeken bleef het contact tot het minimum beperkt. De bemanning mocht niet van het schip af.

 

Zr.Ms. De Ruyter tijdens de EMASOH inzet in de Straat van Hormuz. Foto: Ministerie van Defensie.

Leestips

  • Homan, C., Multinational Force and Observers. Internationale vredesmacht (Lelystad 1983).
  • Kees Poelma, Sinaï. Multinational Force and Observers (Breda 1992).
  • J.C. Kosters, ‘Vredesmachten in het Midden-Oosten’, Militaire Spectator 166 (1997) 7, 317-325.
  • Arthur ten Cate, Waarnemers op heilige grond. Nederlandse officieren bij UNTSO 1956-2003 (Amsterdam 2003)
  • Christ Klep & Richard van Gils, Van Korea tot Kabul. De Nederlandse militaire deelname aan vredesoperaties sinds 1945 (Den Haag 2005)
  • Herman Roozenbeek, Jeoffrey van Woensel & Frank Bethlehem, Een krachtig instrument. De Koninklijke Marechaussee 1814-2014 (Amsterdam 2014)
  • de Bruin, ‘Nederland en de ‘United States Security Coordinator’. De Palestijnse burgeroorlog’, Militaire Spectator 183 (2014) 3, 80-86
  • Wouter Helders, ‘Werken aan vrede’, Defensiekrant 12, 27 juli 2017

In het overzicht staan alle overige missies in het Midden-Oosten. Klik op de missie voor meer informatie.