22 oktober 2019
Home Nieuws De onderzeedienst

De onderzeedienst

Beeld header: NIMH

Na de Koude Oorlog is er steeds meer bekend geworden over Nederlandse spionageactiviteiten. De Nederlandse onderzeeboten speelden een grote rol bij het verzamelen van informatie.

De Nederlandse vloot kwam gehavend uit de Tweede Wereldoorlog. De bovenwaterschepen kregen meer prioriteit dan de onderwaterdienst. Om de eerste jaren te overbruggen kocht Defensie tweedehandse Britse en Amerikaanse duikboten. De Nederlandse ingenieur M.F. Gunning ontwierp al tijdens de oorlog de driecilinder duikboot. Zijn ontwerpen verdwenen eerst in de la, maar de voordelen werden toch ingezien.

De vier diesel-elektrische onderzeeboten van de Dolfijnklassen en de  Potvisklasse vormden de ruggengraat van de Nederlandse Onderzeedienst tijdens een groot deel van de Koude Oorlog. Eén van de boten, de Tonijn, is te bezoeken in het Marinemuseum in Den Helder.

Taken

  • aanvallen van vijandelijke oppervlakteschepen, onderzeeboten en koopvaardijschepen;
  • leggen van mijnen;
  • verzamelen van inlichtingen;
  • afzetten en ophalen van “agenten” op vijandelijk grondgebied;
  • redden van vliegtuigbemanningen bij luchtaanvallen op vijandelijk grondgebied;
  • voor een vlootverband uitgeschoven radarstation;
  • verdediging van eigen schepen tegen onderzeeboten.

Leestips

De Hr.Ms. Dolfijn werd – samen met andere eenheden – in 1962 naar Nieuw-Guinea gestuurd waar het Indonesische activiteiten nauwlettend in de gaten hield. Lees meer hierover in Dolfijn’s Odyssee.

Tijdens de Koude Oorlog, met name vanaf 1968, werden de Driecilinders veelvuldig in het geheim ingezet voor inlichtingenoperaties. De vier onderzeeboten voerden, samen met de twee jongere boten van de Zwaardvisklasse, tientallen geheime operaties uit. De belangrijkste operaties werden uitgevoerd in de Middellandse Zee. Lees meer hierover in In het diepste geheim.

Patrouilles

  • Hr.Ms. Potvis en Hr.Ms. Dolfijn, juni 1968, Noorse Zee
  • Hr.Ms. Zeehond, juni 1969, Noorse Zee
  • Hr.Ms. Potvis, juni-juli 1970, Noorse Zee
  • Hr.Ms. Zeehond, mei-juni 1972, Noorse Zee
  • Hr.Ms. Tonijn, mei-juli 1972, Noordelijke wateren
  • Hr.Ms. Potvis, mei-juni 1974, Noorse Zee
  • Hr.Ms. Potvis, mei 1976, Middellandse Zee
  • Hr.Ms. Tonijn, september-oktober 1977, Middellandse Zee
  • Hr.Ms. Potvis, april 1979, Atlantische Oceaan/ North Channel
  • Hr.Ms. Tonijn, juni-juli 1980, Noorse Zee
  • Hr.Ms. Tonijn, maart-april 1987, Middellandse Zee
  • Hr.Ms. Tonijn, februari-maart 1990, Middellandse Zee

Specificaties

S808 Dolfijn 1960 – 1982 (reserve tot 1985)
S809 Zeehond 1961 – 1990
S804 Potvis 1965 – 1992
S805 Tonijn 1966 – 1991

Afmetingen: 79,5 x 7,8 x 4,95
Max. snelheid: 14,5 knopen boven water, 17 knopen onder water
Max. waterverplaatsing: 1826 ton (onder water)
Capaciteit: 67 man

Voortstuwing:
Diesel-electrisch
2x MAN diesels (na verbouwing 2x SEMT Pielstik PA4)
2x Smit electro-motoren (na verbouwing 2x Holec)
2x 168 batterijcellen

Wapensystemen:
Mk 8 torpedo’s
Honeywell Mk 37 mod2 torpedo’s
NT 37 C mod2
NT 37 C/D/E
Mk48 torpedo’s

Sensoren:
2x Barr & Stroud periscoop
Type 1001 zeebeeldradar
LWS-20D sonar (na refit in ’69/ ’70)
HSA M8/0 vuurleiding (na refit: HSA M8/17)