9 september 2020
Home Nieuws Toen & Nu

Toen & Nu

Hepla van 1917 tot heden.

Hepla
1917 – 1940

Rond 1900 zag de legerleiding de noodzaak van een herkenningsplaatje (afkorting: hepla). Zo kon in oorlogstijd de identiteit van een gesneuvelde of gewonde militair vastgesteld worden. Het hepla werd dan ook alleen verstrekt in geval van oorlog of andere buitengewone omstandigheden. Het ID-plaatje werd ook wel val-dood-plaatje of hondenpenning (dogtag) genoemd.

  • Eerst werd het plaatje gemaakt van celluloid en leer. Voor model B werd zink gebruikt.
  • Het rechthoekige plaatje is 60 x 50 mm. Het touwtje gaat door twee gaten bovenin. Ook onderin zit een gat, om op het slagveld de verzamelde plaatjes bij elkaar te houden.
  • Door de inkeping kan het plaatje in twee├źn gebroken worden. Het bovenste deel bleef bij de gesneuvelde, het onderste deel moest gestuurd worden naar het Informatie Bureau van het Rode Kruis.
  • Informatie op het plaatje: namen, stamboeknummer, korps/regiment, categorie of lichting. Ook werd de godsdienst vermeld.

Hepla
1953 – nu

Dit herkenningsplaatje werd direct verstrekt bij binnenkomst in het leger. De militair in uniform is verplicht om zijn plaatje om zijn nek te dragen, behalve bij gevaarlijk werk. Na zijn vertrek bij Defensie mag de militair het plaatje houden.

  • Het verbeterde plaatje is van roestvrijstaal. Deze robuuste uitvoering is brand- en corrosiebestendig.
  • Het plaatje hangt aan een roest-vrijstalen ketting van 70 cm. Het is voorzien van een breekveiligheid.
  • Tot 2012 werd als extra informatie de bloedgroep en rhesusfactor op het plaatje vermeld.
  • In 1983 werd de vermelding van land van herkomst gewijzigd van Holland in NLD.